Vivaldi’s Duecento Stagioni

Een uitgebreide beschouwing van Vivaldi ’s Vier Jaargetijden, in vier uitvoeringen, verspreid over 50 jaar.

De vier jaargetijden

Intro

Het is 1e Pinksterdag 2018 en prachtig weer. De gezinsleden zitten of buiten onder de parasol, of zijn op andere wijze (relatief) stil. Een ideaal moment om weer eens echt voor muziek te gaan zitten. Het wordt Vivaldi ’s Vier Jaargetijden, in de uitvoering van Rachel Podger. Het valt me weer op hoe veel deze uitvoering afwijkt van andere uitvoeringen die ik ken. Dat brengt me op het idee om deze uitvoeringen met elkaar te gaan vergelijken. Ik begin vol goede moed maar loop al snel vast. Voornamelijk omdat ik zelden de kans heb om echt te luisteren: het moet in de huiskamer en ik woon niet alleen.

Na die eerste aanzet blijft het dan ook bijna een jaar liggen voor ik het weer oppak.

De uitvoeringen

Ik heb gekozen voor de uitvoeringen die ik al ken. Of dit volgens kenners (de) mooi(st)e uitvoeringen zijn, zou ik niet weten maar ik ken ze (een beetje). Vrijwel direct komt in me op dat er een vierde bij moet. Het zijn immers vier seizoenen en hoe mooi zou het zijn om vier uitvoeringen, verspreid over een tijdspanne, als ware het seizoenen, met elkaar te vergelijken. Dat in gedachten houdende kom ik, na wat zoekwerk, op mijn vierde opname.

Dit zijn de gekozen uitvoeringen:

  1. I Musici, Roberto Michelucci op Philips 1969
  2. English Chamber Orchestra, Nigel Kennedy op EMI 1989
  3. Venice Baroque Orchestra, Giuliano Carmignola op Sony 1999 (voor mij nog onbekend)
  4. Brecon Baroque, Rachel Podger op Channel Classics 2018

Zo zijn de opnames redelijk verdeeld over 50 jaar.

Verantwoording

Om direct maar met de deur in huis te vallen, kennis op muziekgebied heb ik niet. Ik heb nog nooit een muziekrecensie geschreven. Ook heb geen muziekopleiding gedaan en speel geen instrument. Ik houd van muziek en kan van allerlei muziek, van Bach tot house, genieten. Wat ik mooi vind wordt bepaald door mijn gevoel en niet door kennis van zaken, complexiteit, vernieuwendheid, tekst of wat dan ook.

Wel houd ik van kwaliteit van het geluid, een goede installatie. Maar ook op dat gebied ben ik geen kenner, iets klinkt mooi of niet en waar hem dat in zit?
Het wordt dus nog een hele tour om straks mijn bevindingen te verwoorden.

Je treft, behalve de recensie, achtergrondinformatie aan over de componist, de compositie en de uitvoerenden.
De recensie zelf is geschreven per muziekdeel. Ik heb ieder deel in de uitvoeringen beluisterd en direct mijn ervaring genoteerd. Tot slot heb ik dan iedere uitvoering nog eens in het geheel beluisterd en ook die bevindingen genoteerd.

Ik hoop dat je na het lezen hiervan meer plezier hebt aan het luisteren naar deze muziek en je in de toekomst zelf wat dieper in de (achtergrond van de) muziek duikt. Want muziek is geweldig!

De componist en de compositie

Antonio Vivaldi

Antonio Vivaldi
Antonio Vivaldi

Antonio Lucio Vivaldi (Venetië, 4 maart 1678 – Wenen, 28 juli 1741) was een Italiaans violist, priester en componist. Hij heeft meer dan 700 composities op zijn naam staan, in vele instrumentale en vocale genres.

Zijn vader, die kapper en violist was, hielp hem met zijn carrière in de muziek en meldde hem aan bij de Cappella di San Marco, waar vader Vivaldi zelf een vooraanstaand violist was.

In 1703 werd Vivaldi priester. Hij kreeg al snel de bijnaam Il Prete Rosso (“de rode priester”), vermoedelijk vanwege zijn rode haar. Vanaf 1704 hoefde hij niet meer deel te nemen aan de heilige mis in verband met zijn slechte gezondheid: hij leed aan astma. Maar volgens sommigen mocht hij de mis niet meer opdragen omdat, als hij inspiratie kreeg voor een nieuw muziekstuk, hij dat gewoon ging opschrijven tijdens de mis. Vivaldi werd violist in een meisjesweeshuis in Venetië, het Pio Ospedale della Pietà. De musicerende wezen stegen snel in aanzien, ook in het buitenland. Omdat meisjes eigenlijk geen muziek mochten spelen, gaven zij concerten van achter een doek. Voor hen schreef Vivaldi de meeste van zijn concerten, cantates en gewijde muziek.

In 1705 werd de eerste verzameling (raccolta) van zijn werk gepubliceerd en er zouden er nog vele volgen. Als hij niet op een van zijn vele reizen was, vervulde Vivaldi verschillende taken in het weeshuis. In 1713 kreeg hij de verantwoordelijkheid voor alle muzikale activiteiten in het instituut. Hij overleed in 1741 op 63-jarige leeftijd.

De vier jaargetijden

(Le quattro stagioni in het Italiaans) is een cyclus van vier vioolconcerten. Vivaldi voltooide dit werk in 1723. De vier jaargetijden is Vivaldi ’s bekendste werk en behoort tot de populairste werken uit de klassieke muziek. De concerten werden in 1725 voor het eerst gepubliceerd in een bundel van twaalf concerten, genaamd Il Cimento dell’armonia e dell’invenzione” (De Krachtmeting van Harmonie en Inventie). De eerste vier concerten werden vernoemd naar een seizoen. Elk concert bestaat uit drie delen, met een langzaam middendeel en twee snellere hoekdelen.
Vivaldi schreef voor elk seizoen een sonnet.

Het toekennen van de seizoenen aan de vier concerten maakt De vier jaargetijden tot een van de eerste programmatische werken. In de partituur staan op diverse plekken aanduidingen die deze programmatische opzet verduidelijken en deze in de uitvoering ondersteunen, zoals de plekken waar het blaffen van de hond, het onweer, en diverse vogelgeluiden worden aangegeven. Mede door de vernieuwende melodieën, harmonische contrasten en de helderheid van het stuk, werd het bekend. (Bron: Wikipedia)

Recensie

Ik heb er voor gekozen de recensie eerst per sonnet (en dus muziekdeel) uit te voeren. De sonnetten staan hieronder, met direct daarop volgend mijn bevindingen per uitvoering. Ik let hierbij voornamelijk op het programmatische.
De Nederlandse vertaling van de door Vivaldi gebruikte sonnetten komt van Classics to go.

Daarna beluisterde ik de uitvoeringen nog eens integraal, wat zeker tot vooraf onvermoede bevindingen leidde.

De lente / La Primavera

Boom in de lente

Deel 1

Blumenhofer Tempesta 20

De lente komt eraan. De vogels vieren haar terugkomst met feestelijk gezang, murmelende beekjes stromen onder een zacht aaiend briesje. Donderstormen, die de lente aankondigen, bedekken de lucht met hun donkere mantel. Als ze zwijgen klinkt opnieuw de betoverende zang van de vogels.

I musici klinkt krachtig en statig, maar zeker niet vervelend. Ik hoor vogels, het beekje is eerder een majestueuze rivier, het onweer is bedaard. Nigel Kennedy lijkt haast te hebben. De vogels klinken duidelijk, het beekje mumelt niet maar stroomt snel en wild en daarna valt het onweer ten opzichte van de rest behoorlijk tegen. Carmignola, klinkt vloeiender maar afgemeten. Mede hierdoor worden de vogels goed getroffen. Het beekje is goed hoorbaar en ook het onweer is er. Ook Rachel Podger laat de vogels, beek en onweer duidelijk horen. Er is meer lyriek en de dynamiek maakt het onweer dreigender dan bij de andere uitvoeringen. De vogels verworden door de lyrische uitvoering tot bij ons zelden gehoorde Japanse nachtegalen, die dus wat minder reëel klinken. Aan het geschetste beekje wil ik dan best wel weer een paar genoeglijke avonden zitten.

Deel 2
Blumenhofer Tempesta 20

Op de met bloemen overdekte weide slaapt de geitenhoeder onder de zacht ritselende bladertakken, zijn trouwe hond naast hem.

Michelucci gunt onze geitenhoeder een rustig, kalme slaap.
Kennedy speelt met zeer veel gevoel, hij overtuigt in dit deel, al doet het wel erg triest aan. De geitenhoeder heeft een melancholische droom. Ondanks dat Carmignola  zijdezacht speelt, lijkt de geitenhoeder wat onrustiger te slapen. Dat komt dan misschien wel door het erg aanwezige geblaf van zijn hond. Carmignola gunt hem ook veruit de minste nachtrust, het deel is aanzienlijk korter dan bij de andere uitvoeringen.
Podger speelt met wat meer versiering, die gelukkig meer als gevoel dan franje overkomt, waardoor de slaap diep en rustig lijkt. Iets wat bij het toch wel erg aanwezige geblaf haast onmogelijk lijkt.

Deel 3
Blumenhofer Tempesta 20

Aangespoord door het feestelijk geluid van de doedelzakken dansen de nymphen en de herders lichtvoetig terwijl de lentehemel schitterend verschijnt.

De dans komt krachtig binnen bij Michelucci. Het klinkt helder en soms wat iel. Statig is het ook.
Kennedy komt wat gehaast over, zijn dans komt veel volkser over met een fiddler in plaats van doedelzakken.
Ook nu valt de vaart van Carmignola op en doet me meteen naar de lengte van het deel kijken. Inderdaad, hij houdt van een kort feestje.
Hier klinkt Podger duidelijk ingetogener maar wel zwierig en lichtvoetig. Het verschil van binnenkomst tussen deze uitvoering en die van Michelluci is gigantisch. Podger is de enige waar ik de doedelzak treffend, geloofwaardig weergegeven  hoor.

De zomer / L’Estate

Boom in de zomer
Deel 1
Blumenhofer Tempesta 20

Onder de drukkende hitte van de felle zon verwelken mens en kudde, de pijnboom verzengt. We horen de koekkoek, zachte liedjes van de tortel en distelvink. Een lieflijk briesje beroert de lucht, maar plotseling steekt de noordenwind op. De kudde siddert voor de storm en zijn lot.

De drukkende warmte wordt door Michelucci prachtig neergezet, je voelt de storm opbouwen. Hoor ik nou een koekoek of een tortelduif?
Kennedy zet mooi vloeiend, traag in. En trekt dat in de rustige stukken mooi door. Toch mist de warmte wat aan overtuigingskracht. De wind valt wel heel rauw binnen. Er is een heel mooie vogel (distelvink?) te horen.
De zomer ligt Carmignola beter dan de lente. Vogel en opbouwende storm zijn er gewoon en ook komt de warmte aardig boven. Hoewel het hier iets minder opvalt, toch blijf je het idee krijgen dat hij een tijdslimiet heeft.
De warmte is door Podger stroperig maar niet zo drukkend neergezet als door Michelluci. De vogels (koekoek en distelvink?) zijn er zelfs wat trager door. In dit deel valt de enorme expressiviteit van Podger op, die al haar gevoel in haar viool tot leven gewekt lijkt te hebben. Meeslepend. Die storm komt er echt aan.

Deel 2
Grado RS2e

De vrees voor bliksem en donder berooft de herder van zijn rust, vliegen en horzels zwermen woedend rond.

De horzels van Michelucci hoop ik nooit tegen te komen, wat een geweld. De angst is er.
Kennedy laat je de angst goed proeven, vooral op het eind. De horzels blijven beschaafd.
Hier laat de eerder zo gehaaste Carmignola die tijdsdruk niet tot uiting komen. De herder is duidelijk minder angstig aangelegd dan bij Kennedy of Michelluci.
Bij Podger zit er een duidelijk opbouw in de spanning en zijn de horzels kwader op het eind. Met veel gevoel gespeeld maar te lieflijk, de angst is ook hier minder voelbaar dan bij Kennedy en Michelluci.

Deel 3
Grado RS2e

Ach, zijn angst blijkt gegrond… De hemel dondert en bliksemt, hagel verwoest de korenaren en het andere graan.

Donder en bliksem! Het knalt eruit bij Michelucci, de solo is rauw en scherp.
Kennedy bouwt op heel andere wijze de storm op, met minder geweld maar toch dreigend. Ook hier is het solowerk hier en daar rauw en scherp.
Hier komt Carmignola geweldig uit de verf, een erg geloofwaardige storm, slecht heel even is de vliegende vaart hier storend maar voor het grootste deel is dat juist wat de storm de storm maakt. De dynamiek is geweldig,
De storm van Podger is veel beschaafder, een zware, logge zomerstorm.

De herfst / L’Autunno

Boom in de herfst
Deel 1

Met zang en dans viert de boer het geluk van de overvloedige oogst. Het vocht van Bacchus vloeit rijkelijk en velen eindigen in een diepe slaap.

Grado RS2e

Het geweld waarmee Michelucci het feest opent doet vermoeden dat het bacchanaal al een tijdje bezig is en de drank al rijkelijk gevloeid heeft. Ik hoor drankliederen en andere kenmerken van een drankgelag maar mis de dans.  De slaap kent wat onrust.
Kennedy zet meteen de vaart er in. Dit is veel dansbaarder, een heftig feest, soms wat rommelig. De slaap is rustig genoeg.  
Vrijwel met net zo veel snelheid zet Carmignola dit neer. Maar hier zit meer vuur en gevoel in. Ook de slaap lijkt meer te passen na een drinkgelag.  
Podger neemt het tempo van Michelluci en het gevoel op het niveau van Carmignola. Ik hoor de dans in het begin, een quadrille. Dit is meer zang dan dans. De slaap is diep en rustig.  

Deel 2

De milde lucht geeft plezier en doet ieder zang, dans en zijn zorgen vergeten. Het jaargetijde nodigt iedereen uit tot het genieten van een zoete slaap.

Grado RS2e

In dit erg rustige stuk lukt het I Musici om iets vriendelijks te leggen en ook de rust van een prettige slaap. Ten opzichte van de anderen heb je hier meer het idee dat er van de noten wordt gespeeld en minder vanuit het gevoel.
Hoe anders pakt Nigel Kennedy dit aan! Je voelt een zacht briesje, dat langzaam uit het niets opduikt. Wel heeft het iets spookachtigs, het had zo de aanzet tot de Danse Macabre kunnen zijn.
Carmignola laat de lucht klinken als een rustig kabbelend beekje.
Bij Rachel Poder hoor ik een diepe lome rust. Het klinkt daardoor warmer, meer zomers dan bij de overigen.

Deel 3

Met de nieuwe dageraad komen de jagers. Ze gaan op jacht met honden, hoorns en geweren. Het wild vlucht en ze volgen het spoor. Geschrokken en doodsbang door al het lawaai van musketten en geweren, dreigt het gewonde dier te ontsnappen, maar het sterft uitgeput tijdens de achtervolging.

Grado RS2e

Pompeus, anders kan ik hier de uitvoering van I Musici niet noemen. De vioolsolo’s zijn dan weer opvallend, onverwacht scherp . De jacht lijkt een met veel bombarie opgezette vossenjacht. De angst wordt wel duidelijk, het sterven haal ik er niet uit.
Kennedy begint met een vreemde aanloop maar dan hoor ik een jachthoorn en begint de jacht. Het schichtige dier is goed te volgen. Ik hoor musketten, de muziek zwelt dramatisch aan en sterft dan vrijwel weg.
Het lijkt een klein wondertje dat de erg gehaaste jagers van Carmignola het schichtige dier te pakken krijgen. Ook hier mis ik het gevoel dat de prooi het uiteindelijk aflegt.
De jagers van Podger pakken het wat rustiger aan. Het prooidier wordt opgejaagd en wordt angstiger en je hoort dat het niet goed afloopt. Alleen komt de vreugde van de jagers er net te snel achteraan. Een incidentele musket denk ik ook te horen.

De winter / L’Inverno

Boom on de winter
Deel 1

Bevend van kou in de ijzige sneeuw, bij de striemende vlagen van de stormachtige wind, loop je, stampend met je voeten, door de vorst te klapperen met je tanden.

Grado RS2e

Bar en boos! Michelucci zet een winterstorm neer waarin je niet verzeild wilt raken. Het klapperen met de tanden meen ik halverwege ook te herkennen. 
Daarna krijg ik het niet koud of warm meer van Kennedy.
Carmignola komt dan weer overtuigender over en ijlt (uiteraard) door de storm naar huis. 
Stampvoeten en huiveren zijn te horen bij Podger, die de winterstorm goed neerzet. Ook nu weer veel gedistingeerder dan bij Michelluci en met veel detail.

Deel 2

Tevreden de dag doorbrengen voor het haardvuur, terwijl het buiten stroomt van de regen.

Grado RS2e

Michelucci hangt lekker loom voor de haard, de stromende regen drupt op de achtergrond.
De druppende regen is beter bij Kennedy. De opening kan ik niet plaatsen. En die tevredenheid… ik weet het niet, het komt toch wel triest over.
Die opening vinden we weer niet bij Campignola, wel blanceert hij soms op het randje tussen triest en tevreden.
Podger presenteert een genoeglijke winteravond, over regen niet te klagen.

Deel 3

Langzaam lopen over het het ijzige pad, voorzichtig, uit angst om te struikelen. Dan, een abrupte draai, glijden, vallen op de grond. Opnieuw het ijs opgaan en behoedzaam haasten, opdat het niet scheuren zal. Plotseling breken de Sirocco, de Borea en alle andere winden uit in een fel gevecht. Dit is de winter, hij brengt ons zijn eigen vreugde.

Grado RS2e

Michelucci gaat behoorlijk onbesuisd het ijs op, de val mag er dan ook zijn. De tweede keer is duidelijk voorzichtiger. Een mooi gevecht op het eind.
Op het ijs is de tevredenheid die ik bij het haardvuur verwachtte, bij Kennedy ineens wel te horen. De val mag er zijn. De nieuwe ijsgang klinkt ook weer zo genoeglijk, ik denk dat ik me anders zou voelen. Het felle gevecht van de winden is hier in goede handen maar wel kort. 
De abrupte draai en de gevolgen zijn goed te horen. Dat was ook wel te verwachten als je je zo over het ijs beweegt als Carmignola doet. De tweede keer is hij wel voorzichtiger. Het felle gevecht van de winden valt hier tegen.
Podger stapt erg voorzichtig op het ijs en weet zelfs beschaafd te vallen. De tweede ijsgang is nog voorzichtiger en een beetje triest. Hier is het gevecht mooi neergezet. 

Integraal

Blumenhofer Tempesta 20

I Musici klinkt… klassiek, iets wat ook in het spel van Michelucci is te horen. In het trage, statige tempo dat past bij de uitvoeringen uit die periode. Heel vloeiend met erg veel power en lange halen wordt er een prachtig mooi jaar neergezet. Niet voor niets haalde deze uitvoering als eerste klassieke opname goud.

Blumenhofer Tempesta 20

Campignola klinkt jeugdig. Dit is lente, een springerig veulentje in de wei. Het blaffen in het tweede deel van de lente vind ik zo opdringerig, dat ik het nog een keer wil vermelden. Hij speelt met gevoel, detail en er is duidelijk veel eigen opvatting, tekening in het spel. Dat maakt dat deze uitvoering intrigerend is. Wel blijft het afgemeten, snelle spel regelmatig opvallen. Dat kan mij dan weer wat minder bekoren.
Toch moet je deze uitvoering zeker gehoord hebben.

Blumenhofer Tempesta 20
Grado RS2e

Kennedy begint wat zwak maar pakt het halverwege het eerste deel prima op. Juist in de rustige delen komt hij goed tot zijn recht; hij speelt vloeiend, gevoelig en meeslepend. Dat verwacht je niet als je zijn punkuiterlijk uit die tijd ziet. Het is allemaal wat sneller dan bij I Musici, maar het afgemetene van Campignola is er ( gelukkig) niet. Jammer genoeg is de opname duidelijk minder, net of alle scherpe kantjes er af zijn gehaald, je alles door een dik doek heen hoort. Luisterend met mijn hoofdtelefoon valt dat duidelijk minder op dan op de Blumenhofers.

Blumenhofer Tempesta 20
Grado RS2e

Speelt Kennedy met veel gevoel, Podger legt gevoel in iedereen streek. Daarnaast hoor ik verschrikkelijk veel detail in de uitvoering. Ze speelt geen barok maar rococo. Dit wordt benadrukt door een perfecte opname die ieder detail laat horen, zoals we dat Channel gewend zijn.
Kunnen versieringen nog wel eens storend zijn, hier voegen ze juist wat toe. De opname lijkt eerst wat verder weg maar dat los je op door hem een paar tandjes harder zetten. Mooi uitgevoerd, maar omdat er zoveel gebeurt, is deze opname het lastigste te beluisteren. Probeer het in ieder geval op zo goed mogelijke apparatuur en met voldoende volume. Dat dat de moeite loont zul je snel merken. Weer een meesterwerkje van Podger en ChannelClassics.

Uitvoerenden

1. Roberto Michelucci / I Musici

Roberto Michelucci

Roberto Michelucci  (29 October 1922 Livorno – 1 November 2010) was een Italiaans violist. Hij studeerde bij Gioacchino Maglioni (1891–1966) aan het Conservatorio Luigi Cherubini in Firenze. Zijn uitvoeringen werden hoog ingeschat. Hij was de eerste klassieke artiest die een gouden plaat haalde (1972), met zijn uitvoering van de Vier Jaargetijden.

I Musici

I Musici di Roma is een twaalfkoppig, dirigentloos,  ensemble.Ze zijn voornamelijk bekend om hun uitvoeringen van werken van Vivaldi en Albinoni. Behalve Michelucci is ook Felix Ayo een bekend violist.
Na het horen van I Musici, merkte Arturo Toscanini op: “Twaalf individuele instrumentale meesters, en samen het beste kamerorkest ter wereld.” Dit Italiaanse ensemble heeft al heel lang internationale aandacht getrokken vanwege hun nadruk op schittering, aanvalskracht en een hoog niveau van discipline, te beginnen met hun eerste uitvoeringen van zeventiende en achttiende-eeuwse Italiaanse muziek.

De groep werd in maart 1952 opgericht door 12 studenten van de Accademia di Santa Cecilia, Rome, die een gemeenschappelijke interesse in pre-klassieke muziek ontwikkelden tijdens conservatoriumbijeenkomsten. Bij de oprichting bestond het ensemble uit zes violen, twee altviolen, twee cello’s, een contrabas en een klavecimbel; er waren drie vrouwen en negen mannen. Bijna alle oorspronkelijke violisten waren leerlingen van dezelfde Accademia-leraar, Remy Principe. (Bron: AllMusic, Wikipedia)

2. Nigel Kennedy / English Chamber Orchestra

Nigel Kennedy

Nigel Kennedy
Nigel Kennedy

Nigel Kennedy (Brighton, 28 december 1956) is een Brits violist die mede bekend is geworden door zijn punkachtige uiterlijk. Hij heeft les gehad van Yehudi Menuhin en Dorothy DeLay. Hij viel in de jaren tachtig van de twintigste eeuw op door klassieke muziek te brengen zonder het traditionele formele vertoon, en heeft zo een aantal klassieke stukken voor een groter publiek populair gemaakt. Hij heeft de meeste “grote” vioolconcerten uitgevoerd en opgenomen. Zijn repertoire beperkt zich niet tot klassieke muziek, maar hij speelt ook samen met bijvoorbeeld de Poolse band Kroke en is onder andere ook te horen op de cd/dvd “Live at The Royal Albert Hall” van The Who. (Bron: Wikipedia)
Met name de uitvoering van de Vier Jaargetijden, waarvan de totstandkoming als documentaire werd uitgezonden (op DVD verkrijgbaar) heeft bijgedragen tot bekendheid in Nederland.

English Chamber Orchestra

Het English Chamber Orchestra is een kamerorkest dat is gevestigd in Londen. De oorsprong van het orkest ligt in het Goldsbrough Orchestra, dat werd opgericht in 1948 door Lawrence Leonard en Arnold Goldsbrough. Het orkest kreeg zijn huidige naam in 1960, toen het zijn repertoire uitbreidde, en niet langer alleen barokmuziek ging spelen. Het repertoire wordt uiteraard nog steeds beperkt door de omvang van het ensemble, die redelijk consistent blijft en die ongeveer gelijk is aan een orkest uit de tijd van Mozart.

Kort na de naamswijziging kreeg het een sterke band met het Aldeburgh Festival, en speelde premières van de opera’s A Midsummer Night’s Dream, Owen Wingrave en Curlew River van Benjamin Britten. Britten heeft het orkest diverse malen gedirigeerd, en maakte er een aantal opnames mee. Murray Perahia nam met het ensemble alle pianoconcerten van Mozart op. In 1985 was Jeffrey Tate de eerste hoofddirigent van het orkest; in het jaar 2000 nam Ralf Gothóni zijn plaats over.
Op dit moment heeft het orkest geen vaste dirigent, maar werkt het met een vaste groep gastdirigenten, waaronder Raymond Leppard, Colin Davis en Daniel Barenboim. (Bron: Wikipedia)

3. Giuliano Carmignola / Venice Baroque Orchestra

Giuliano Carmignola

Giuliano Carmignola
© Massimo Piazzi

De Italiaanse violist Giuliano Carmignola (Treviso, 7 juli 1951) is een van de beste solisten, gespecialiseerd in de barokviool, van Europa.
Hij werd geboren in een muzikaal gezin en begon op zijn vijfde met vioolspelen, onderricht door Antonio Carmignola, een violist. Uiteindelijk studeerde hij aan het Conservatorio Benedetto Marcello in Venetië, waar zijn leraren Luigi Ferro en Sergio Lorenzi waren. Vervolgens ging hij naar de Accademia Musical Chigiana in Siena, waar hij masterclasses volgde bij de grote violisten Nathan Milstein en Franco Gulli. Hij volgde ook masterclasses bij Henryk Szeryng aan het Conservatorium van Genève.
Bij Ferro kreeg hij sterke interesse in de barokmuziek van de vroege achttiende eeuw, met name die van de Venetiaanse school, waaronder Antonio Vivaldi. Zijn favoriete instrument is een Pietro Guarneri-viool, in 1733 in Venetië gemaakt tijdens de barokperiode.

Carmignola werd concertmeester van het orkest van het belangrijkste operagebouw van Venetië, het Teatro La Fenice, van 1978 tot 1985. Hij speelde klassieke en romantische kamermuziek op standaard-type instrumenten met vooraanstaande solisten en ensembles,  waaronder Claudio Abbado, Peter Maag, Eliahu Inbal en Giuseppe Sinopoli.
Hij begon te werken met specialistische groepen uit de Italiaanse periode, voornamelijk de Sonatori de la Gioioas Musica, vervolgens met het Venice Baroque Orchestra, een van de belangrijkste ensembles van oude muziek in Italië, geleid door Andrea Marcon.

Dit heeft ertoe geleid dat Carmignola zijn eigen onderzoek is gaan doen naar het barokke Italiaanse vioolrepertoire. Op zijn uitvoeringen van Vivaldi’s The Four Seasons, uitgebracht in 2000, brachten hij en Marcon nieuwe nuances aan in de solopartij en de behandeling van het basgedeelte, evenals de specifieke benadering om de concerten te koppelen aan het idee van de seizoenenwisseling in Venetië. Op dezelfde release introduceerde Carmignola ook drie Vivaldi vioolconcerten die nooit eerder zijn opgenomen. (Bron: AllMusic)

Venice Baroque Orchestra

Dit orkest werd in 1997 opgericht door de barokwetenschapper en klavecinist Andrea Marcon en wordt erkend als een van de belangrijkste ensembles gewijd aan uitvoeringen met originele instrumenten. Het orkest ontvangt wereldwijd lovende kritieken voor zijn concert- en operavoorstellingen.
Gespecialiseerd  in de herontdekking van meesterwerken uit de 17e en 18e eeuw, heeft het orkest onder leiding van Andrea Marcon de moderne premières van L’Orione van Francesco Cavalli, Vivaldi’s Atenaide, Andromeda liberata, La morte d’Adone van Benedetto Marcello en Il trionfo della poesia e della musica, en La Clementina van Boccherini op hun naam staan. (Bron: site VBO)

4. Rachel Podger / Brecon Baroque

Rachel Podger

Rachel Podger
Rachel Podger
Foto: Theresa Pewal

Rachel Podger (Engeland, 1968) is een barokvioliste die bekend staat om haar zeer nauwkeurige, virtuoze spel, uitstekende muzikaliteit en begrip van de stijl van de periode, en een vrolijke, warme en beslist niet-benauwde podiumpresentie.
Haar vader was Brits en haar moeder Duits.

Opleiding

Ze volgde een opleiding in Duitsland aan een Rudolf Steiner-school en studeerde viool. Toen ze terugkeerde naar Engeland, zette ze haar vioolstudies voort bij David Perry en werd daarna toegelaten tot de Guildhall School of Music and Drama met Pauline Scott en David Takeno als haar leraren. Ze vroeg om de barokviool te mogen studeren, evenals de standaardviool met moderne opzet, maar kreeg te horen dat de enige barokke viool al aan een andere student was uitgedeeld. Bovendien, zoals ze zei: “Het was niet echt wat je moest doen in je eerste jaar, je moest je techniek vaststellen.”


Dit hield haar niet tegen. Ze volgde heimelijk barokvioollessen bij Micaela Coberti in de Guildhall en bezocht vaak Cambridge, waar haar broer, zanger Julian Podger, een klein ensemble had opgericht genaamd Trinity Baroque en haar een kans gaf om een ​​deel van het centrale barokrepertoire te spelen. Vanaf haar tweede jaar bleef ze met Coberti studeren.

Carrière

Met drie vrienden begon ze regelmatig kamermuziek te spelen (het Palladium Ensemble) en had onverwacht succes. Bovendien was ze een van de oorspronkelijke leden van Florilegium, een groter kamermuziekensemble gespecialiseerd in muziek uit de 17e tot de vroege 19e eeuw.
Palladium en Podger als solist verschenen al snel op belangrijke podia in Europa. In 1996 was Palladium Ensemble een headliner in de prestigieuze internationale concertserie Rising Stars, die een staande ovatie won toen deze in het Amsterdamse Concertgebouw verscheen. Sindsdien is het verschenen in veel Europese steden en festivalsites, evenals in Noord- en Zuid-Amerika. Het geeft ook vaak radioconcerten.

In 1997 werd Podger benoemd tot concertmeester (of ‘leider’) van The English Concert, een van de toonaangevende orkesten voor instrumentale instrumenten in Londen, en speelde hij er tijdens vele tournees op Oost-Azië solo mee. 

Op Channel Classics heeft ze diverse bekroonde opnames gemaakt waaronder diverse werken van Vivaldi en de Rosenkreutzsonata’s van Biber. Rachel Podger bespeelt een instrument uit 1739 van de genuese gitaarbouwer Pesarinius. (Bron: grotendeels AllMusic)

Brecon Baroque

Brecon Baroque is een toonaangevend Brits orkest, datzich toelegt op barokke seculiere muziek. Het is opgericht door violiste en leider Rachel Podger naar voorbeeld van de seculiere koffiehuisensembles uit de dagen van Bach en Telemann, in het bijzonder het zogenaamde Café Zimmermann-ensemble (Leipzig) Andere ensembles hebben zich hierdoor laten inspireren, maar weinigen hebben de flexibiliteit en ambitie van Podger’s groep, die ze in 2007 oprichtte, gehad. De groep bestaat uit instrumentalisten die allen een bloeiende loopbaan als solist hadden en hebben, waaronder violist Johannes Pramsohler, violist Jane Rogers, cellist Alison McGillivray, luitist Daniele Caminiti en klavecinist Marcin Swiątkiewicz. Het speelt over het algemeen met één instrument per stuk (wat ook geldt voor Bach’s Café Zimmermann-orkest), maar is uitgebreid naar kleine orkestafmetingen wanneer het repertoire dat verdient, bijvoorbeeld met muziek van Handel, Purcell en Vivaldi, en in grotere werken van Telemann. (Bron: AllMusic)

Technische informatie

Apparatuur

Sommigen zullen zeggen dat de gebruikte apparatuur van geen invloed is of mag zijn bij de beoordeling van de kwaliteit van de uitvoering. Ik deel die mening niet, omdat ik de ervaring heb dat de apparatuur wel het geluidsbeeld bepaalt. Op de ene installatie zul je andere/meer/minder details horen dan op een andere installatie.

Dit is het eenvoudig deel, het benoemen van vaste waarden die door de fabrikant op de behuizing zijn afgebeeld en waar niet, kon ik ze terugvinden op de factuur van de leverancier. Ik heb de stukken beluisterd, waar mogelijk, met de volgende apparatuur:

  • Primare NP30 netwerkspeler
  • Octave V110 versterker waarvan de oorspronkelijke voorversterkerbuizen vervangen zijn door Philips NOS buizen
  • Blumenhofer Tempesta 20 luidsprekers
  • Interlink JKEhifi (MGK226 – gebalanceerd)
  • Luidsprekerkabel JKEhifi (van Damme Blue 2×4)

Het staat opgesteld in een normale huiskamer, zonder akoestische aanpassingen, de luidsprekers op minimale afstand van de muur, en ik zit lang niet altijd op de juiste afstand.

Als de situatie het beluisteren in de huiskamer onmogelijk maakt, maak ik gebruik van:

  • iFi iDSD micro BL hoofdtelefoonversterker/DAC
  • Grado RS2e hoofdtelefoon
  • iFi Mercury USB-kabel
  • iFi iPurifier 2

Je kunt linksboven bij elk deel zien of ik via de Blumenhofers of de Grado geluisterd heb.

Luisteren naar de apparatuur

Hoe goed de Grado en de iFi ook zijn (en dat is behoorlijk goed!) mijn voorkeur om te luisteren gaat uit naar de Blumenhofers – Octave – Primare combi.
De statige hoornspeakers zijn behoorlijk groot maar desondanks een lust voor het oog. Wat belangrijker is, ze zijn zeker ook een lust voor het oor. Deze set zet de muziek prachtig neer, met veel detail, dynamiek en bas. Snaar- en blaasinstrumenten en stemmen zijn helemaal af. Het geluid is vol, zonder echt warm gekleurd te zijn. Dit is geen normale buizenbak! Ook De Blumenhofers laten niet de onhebbelijke scherpte van sommige hoornweergevers horen. Bij een goede opname vergeet je soms dat je naar een installatie zit te luisteren. De muziek komt tot leven.  

Met de Grado op het hoofd is het allemaal net wat minder echt, hoewel je wel de muziek in wordt gezogen. Het is natuurlijk ook niet eerlijk om deze twee te vergelijken. De Grado is een zeer plezierige en comfortabele hoofdtelefoon, die je uren kunt dragen en… uren kunt aanhoren. Het verveelt nooit en ook hier hoor je veel detail, een prachtig mooi middengebied, een rustig hoog en voldoende bas.
Zowel de Grado-iFi als de Blumenhofer-Octave-Primare zijn echte aanraders voor een heel breed muziekspectrum maar komen het best tot hun recht bij jazz, klassiek en vocaal werk.

Meer weten over de apparatuur?

Voor de hobbyisten die net iets meer willen weten, hieronder een aantal links naar reviews van de apparatuur:

Geluidsdragers

De uitvoeringen van Nigel Kennedy en I Musici komen van een door mij naar mijn NAS geripte CD, de beide andere van Tidal Hifi (CD kwaliteit)

Bronnen

Veel informatie over de componist, de compositie, de artiesten en de uitvoeringen is afkomstig van AllMusic en/of Wikipedia. De vertalingen zijn door mij uitgevoerd. Daar waar dit het doel van dit artikel diende, heb ik de teksten herschreven, ingekort, aangevuld en/of samengevoegd.

De afbeelding van Rachel Podger komt van de Percius website en mocht met vermelding van de fotograaf vermeld worden. De cd-cover van de uitvoering door haar zijn geplaatst met toestemming van Channel Classics.
De cd-cover van Carmignola is geplaatst met toestemming van Sony Music.

De rechten van de afbeeldingen van de overige cd-covers liggen bij de genoemde labels. Deze zijn door mij benaderd met de vraag om toestemming. Ik heb geen antwoord op mijn vraag gekregen. Daar ik geen enkel winstoogmerk heb en de rechthebbende vermeld heb, ben ik zo vrij geweest deze afbeeldingen over te nemen. Wanneer de rechthebbende bezwaar maakt, zal ik de afbeelding direct verwijderen.

De afbeeldingen van de Blumenhofer Tempesta 20 en de Grado RS2e zijn geplaatst met toestemming van de fabrikant, waarvoor dank.

Alle overige afbeeldingen zijn rechtenvrij volgens de vermeldingen op de site waar ze gevonden zijn.

Geef een reactie