De Cirkel – 4. Esther

De managing director

De succesvolle zakenvrouw, de harde tante, ze moesten eens weten.
Succesvol dat wel. Maar ze lachen me ook uit, omdat Joost overal zijn lul in steekt. Als ze maar niet ouder dan twintig zijn. Ik wou dat ik hem durfde te dumpen. Geld heb ik genoeg maar wat moet ik zonder mijn werk. Ik ga nooit genoeg hebben aan een leven luieren op een afgelegen plek waar niemand me kent.
En dan nog. Ook daar zou ik me gaan schamen. Voor mezelf. Dat heeft die oude zak er wel ingestampt. Met zijn Statenbijbel. En waar was jij moeder? Idioot, dat ik nog steeds het happy vrouwtje speel, voor hun, om gezeik te voorkomen.
Schamen omdat ik anders ben, op vrouwen val. Dat het meer en meer geaccepteerd wordt, zeggen ze. Ik weet het niet. Ik kon wel door de grond gaan toen Joost me laatst bij Isa zag staan, bang dat hij het door had. Maar die zak probeerde haar zelf te versieren.


O, wat zou ik graag vrij willen zijn, mezelf zijn. Ik heb het geprobeerd toch. Al die therapeuten. Niets heeft het geholpen. Zonder mijn werk zou ik niets zijn, helemaal niets. Niet dat ze me niet zien staan, maar dat zijn allemaal kerels, die willen maar één ding. Net als Joost.


Het hele leven is een toneelstuk. “De wereld is een schouwtoneel. Elk heeft zijn rol en krijgt zijn deel.”
Wie zei dat ook al weer, was dat niet Vondel? Nou mìjn deel heb ik wel gekregen. En mijn rol speel ik al zo lang ik leef.
Zou het nu eindelijk anders worden?

Isa

Met Isa? Isa is…, Isa is anders. Ze valt niet op vrouwen, of wel natuurlijk, maar dat weet ze nu pas. Ze is.. zacht, warm, ze is zo lief en nog zo… onschuldig. Het is allemaal nieuw voor haar. Ze is beschermend, zorgzaam. Net alsof ze alleen aan mij denkt. Maar ze geniet wel. Zegt ze, maar… nee, ook haar ogen krijgen glans als we samen zijn.
Isa is meer dan wat ik ooit eerder heb ervaren, niet alleen lekker vrijen, een goede vriendin en liefde. Ze is mijn houvast, mijn geliefde en mijn moeder, die ik nooit had, tegelijkertijd.

Ze is veel sterker dan ze zelf weet. Haar werk zou ik nooit kunnen doen. De hele dag, dag in dag uit voor die oudjes zorgen. Die haar dan soms nog uitschelden ook. En van die Mark wordt je ook al niet vrolijk. Geen wonder dat ze er zo uitgeblust bij liep. Ziet haar niet eens staan. Terwijl ik het meteen zag. Hoe mooi ze is. Als je het maar ziet. Als ze lacht dan… Kon ik haar maar ruilen met Joost.

Joost

Wat zou dàt mooi zijn. Die zak hooi, die denkt dat hij heel wat is, verruilen voor Isa.

Dat loopt hier rond alsof hij de heer des huizes is, alsof hij het hier draaiend houdt. Het enige dat hij doet is mijn geld er doorheen jagen met de een na de andere sloerie. En met verf natuurlijk. Ik wist niet dat die troep zo duur kon zijn. Als hij er nu nog iets moois mee maakte, maar het ziet eruit of heel groep 1 op één doek helemaal los mocht. Zonde van het geld.
Een beetje de gevierde kunstenaar uithangen. Die troelen de kop gek maken op ZIJN exposities, die IK betaal.
Nog steeds kijkt hij als een zielige pup, met van die vragende oogjes naar mij, alsof hij mij ooit in bed zou kunnen krijgen. Mocht hij willen! Dan nog eerder Mark.

Mark

Niet dat ik erover zou denken. Maar het is haast aandoenlijk, zoals hij om me heen draait. Net een jonge pup. Het is een sulletje maar eigenlijk ook wel lief. Onschuldig of misschien wel een beetje onnozel. Niet dat hij dom is maar… hij gelooft alles, slikt alles voor zoete koek lijkt het wel.

Wat hij me laatst liet lezen was lang niet slecht, dat had ik niet achter hem gezocht. Ergens diep in hem zit er dus meer dan je te zien krijgt. Wel jammer dat dat er niet uitkomt. Aan de andere kant, dan zou hij ook niet meer dat lieve, aandoenlijke ventje zijn. God weet wat er tevoorschijnzou komen. Voor hetzelfde geld weer zo’n machovent, wat zijn mannen toch vreselijke eikels. Dat is het natuurlijk. Daarom is Mark nog niet zo beroerd, het is geen kerel, maar een kind.

Geef een reactie